RangoRango is de eerste animatiefilm van Industrial Lights & Magic (ILM), een nieuw filmbedrijf van George Lucas, waarmee hij de grote spelers op het animatietoneel, Pixar en Dreamworks, naar de kroon wil steken. Als regisseur werd Gore Verbinski aangetrokken, de maker van Pirates of the Carribbean. Rango (een samentrekking van Django en Ringo, twee legendarische revolverhelden uit de wereld van de spaghettiwestern), die Rango dus, is een kameleon die per ongeluk aan de verkeerde kant van een snelweg belandt, in een woestijnachtig niemandsland. Water is hier het kostbaarste bezit. Het enige stadje in de verre omtrek heet Dirt. Dit stadje heeft te lijden onder de voortdurende aanvallen van een havik, maar Rango weet de reusachtige (in vergelijking met de kameleons) vogel met stom geluk uit te schakelen. De dorpsbewoners zien nu een scherpschutter in hem, en roepen hem uit tot sheriff. Na de havik komt echter de ratelslang, en dan zijn er ook nog bandieten die het op de watervoorraad hebben voorzien … en trouwens, is die burgemeester, een stokoude, verrimpelde schildpad, wel te vertrouwen? Kortom: het leven van een kameleon gaat niet over rozen. Net als je denkt dat computeranimaties niet meer zijn te overtreffen, is daar Rango. De animaties in deze productie zijn bij vlagen bijna ongelooflijk. Het kleinste haartje, de kleinste waterdroppel of zandkorrel: alles oogt wondermooi, alsof je vanuit je huiskamer werkelijk de woestijn in wordt geslingerd. Helaas blijft de inhoud achter bij de vormgeving. Het scenario is nogal mager, meer een reeks scènes met verwijzingen naar andere films dan een samenhangend geheel. Bovendien zitten de bewoners van Dirt reeds halverwege zonder water. Daarna leveren ze een complete veldslag met bandieten (mollen die rondvliegen op vleermuizen) en zenden expedities uit naar verre oorden om naar de kostbare vloeistof te zoeken. En dat allemaal zonder last te krijgen van dehydratatie. Of toch bijna. De verschijning van Clint Eastwood, compleet met poncho, als de Geest van het Westen, was waarschijnlijk een koortsdroom. Rango is een typisch postmodern product: er zijn verwijzingen naar spaghettiwesterns, naar Mad Max, naar High Noon, naar Lord of the Rings, Harry Potter, Chinatown, Leone, Tarantino, Priscilla, the queen of the desert en God weet wie of wat nog meer. Als de schurkachtige mollen rondvliegen op hun vleermuispaardjes, weerklinkt plots Wagners Walkürenritt, als in Apocalypse Now (en My Name is Nobody). Er is veel spektakel en nog meer lawaai. Technisch is alles piekfijn in orde en ook de stemmen zijn prima verzorgd, met een extra vermelding voor Timothy Olyphant, die een griezelig goede imitatie van Eastwood weggeeft. Rango is een feest voor oog en oor, maar het hart wordt er niet door beroerd. Het woud van verwijzingen, maakt de film ook minder geschikt voor (kleine) kinderen.
Aanraders in overeenkomstige genres, volgens Boobytrap: |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|
Terug naar vorige pagina | Naar filmoverzicht |